Francesco Pepe maakt olijfolie, net als zijn opa

Francesco Pepe maakt olijfolie, net als zijn opa

We zijn in Campanië, bij het familiebedrijf Pepe waar zij sinds drie generaties extra vergine olijfolie maken. De naam van het bedrijf is een eerbetoon aan nonno Francesco Pepe, de opa van Francesco jr.

Hoe het begon

Begin jaren 2000 koopt Fiorentino Pepe, de vader van Francesco jr., vele hectaren onbebouwde grond. Daar begint het verhaal. Om precies te zijn in Irpinia en omstreken plant hij zijn olijfbomen. Zijn doel is om in dit deel van Campanië olijfolie van hoge kwaliteit te produceren. De bomen behoren tot de rassen Leccino, Frantoio, Vigna della Corte, Marinese en Ravece. De Ravece is een autochtoon ras, met zijn oorsprong in Irpinia.

Groei en visie

Na zijn afstuderen besluit Francesco Pepe terug te keren naar zijn geboortedorp Luogosano in Campanië om zijn vader te helpen bij de ontwikkeling van het bedrijf. Hij heeft een visie hoe het bedrijf verder te laten groeien door onderscheidende olijfolie te produceren.

Landschap en bomen

De heuvels laten een divers beeld met beplanting zien, het is een mooie mix van oud en jong. De bomen staat verspreid over ongeveer 13 hectare op het grondgebied van Luogosano, Sant’Angelo all’Esca en Fontanarosa, zo’n 400 meter boven zeeniveau. Francesco Pepe kiest bewust voor verscheidenheid in de rassen. De keuze om twee autochtone rassen (Marinese en Ravecce) te herplanten, is bewust genomen. Een deel van de bomen is tussen de 7 en 10 jaar. En een deel is oud. Heel oud, met een leeftijd van 250-300 jaar. In totaal heeft de frantoio van FrancescoPepe ongeveer 3500 olijfbomen die de olijven leveren voor zijn olijfolie.

Vergeten rassen en wat het betekent voor de oogst

Door het opnieuw aanplanten van de Marinese olijfboom is aan hen het SlowFood Presidium voor deze cultivar toegewezen. Voor Francesco Pepe is dit een fraaie erkenning voor het in stand houden van oude, bijna vergeten olijfboom variëteiten. Daar komt bij dat de Marinese olijf lastig te bewerken is. Het zachte vruchtvlees maakt een vroege oogst noodzakelijk. Na het plukken gaan de olijven direct naar de frantoio om s’avonds geperst te worden. Er ligt nog geen 12 uur tussen plukken en persen. En dat is kort. Een ‘koude persing’ is normaal gesproken maximaal 27 graden. Deze temperatuur is voor de zachte Marinese nog te hoog. Dit ras wordt Voor de Marinese is de maximum perstemperatuur echter 23 graden.

Het oogsten van de olijven van de jongste bomen gebeurt met de hand. Dit om de bomen zo min mogelijk te beschadigen. Voor de oudere bomen zijn mechanische plukkers in gebruik omdat deze sterker zijn. Duurzaamheid en ecologisch evenwicht zijn belangrijk voor Francesco Pepe. Er is geen kunstmatige irrigatie en kunstmest wordt niet gebruikt. Restproducten van het persen worden uiteindelijk weer aan de grond teruggeven als natuurlijke voedingsbron. En daarmee is de cirkel rond.